De wind zal ons meevoeren
Van IranActua Encyclopedie
Een gedicht van Forough Farrokhzad
In mij nacht, zo kort, helaas
Heeft de wind een afspraak met de bladeren.
Mijn zo korte nacht is gevuld met de vernielende angst.
Luister! Hoor jij het ademen van de duisternis?
Van dat geluk, voel ik mij vervreemd.
De wanhoop ben ik gewoon.
Luister! Hoor jij het ademen van de duisternis?
Daar in de nacht gebeurt er iets
De maan is rood en angstig.
En klampt zich vast aan dit dak
Dat elk ogenblik kan instorten,
De wolken, als een menigte van wenenden,
Wachten op de bevalling van de regen,
Een ogenblik nog en dan niets meer.
Achter dat vensterraam,
Is het de nacht die beeft
En het is de aarde die ophoudt met ronddraaien.
Achter dat vensterraam, maakt een onbekende zich zorgen
Over mij en jou.
Jij, heel fel ontloken,
Legt je handen – deze vurige herinneringen –
Op mijn verliefde handen
En vertrouwt je lippen, voldaan van de levenswarmte,
Toe aan de strelingen van mijn verliefde lippen
De wind zal ons meevoeren!
De wind zal ons meevoeren!
